Gecentraliseerd: Wil de Gids

 

1. Van wie leerde je schaken en hoe oud was je?

Dat is en raar verhaal hoor! Ik kreeg op mijn 8ste in 1954 tijdens een sinterklaasfeest bij kennissen een schaakbord met stukken als cadeau. Geen idee wie het bedacht had, mijn moeder of die kennis. Die kennis heeft me toen de zetten geleerd. Daarna speelde ik af en toe met mijn neefjes en later met mijn schoonvader. Tot ik in 1972 met mijn vrouw op Ameland was voor een korte vakantie en ik in de krant een kort verslag over de match Fischer tegen Spasski las. Ik bekeek de stellingen en vanaf dat moment volgde ik de match. Ik was meteen gegrepen door het spel. Omdat ik een drukke baan had bij TNO en ook nog 20 uur in de gymzaal stond om les te geven in gymnastiek en turnen en er ook kinderen kwamen, vond ik nog een avond weg naar een schaakclub een brug te ver, mijn vrouw trouwens ook hoor. Ik ben toen fanatiek gaan correspondentie-schaken. Briefkaart met zet opsturen naar je tegenstander en dan weer een paar dagen wachten op antwoord. Ik kocht veel boeken heb er inmiddels meer dan 150. Vooral van mijn favoriete schaakopeningen de Ruilvariant van het Spaans dat speelde Fischer toen soms en de Pirc met zwart. Maar ook veel theorieboeken vooral van Euwe drie delen van het handboek voor de gevorderde schaker en Oordeel en Plan, wat ik zelfs nu nog een prima boek vind. Van Hans Bouwmeester heb ik de verslaving aan de Pirc over gehouden. Wat wit ook opent, e4, d4, of c4 schreef hij in een boek, het antwoord van zwart d6 gevolgd door Pf6, g7, Lg7 en rokade geeft zwart een solide stelling. Ik speel het nu nog. Toen mijn jongste zoon in 1977 werd geboren en ik al veel minder gymles gaf ben ik lid geworden van Schaakgenootschap Overschie. En ik geniet er nog steeds!

2. Wat is je mooiste schaakherinnering?

Mijn mooiste schaakherinnering is de overwinning in groep 7 met 2,5 uit 3 in de dagvierkampen van het toen nog genaamde CORUS ChessTournament ( het oorspronkelijke Hoogoven Toernooi) in Wijk aan Zee, het was in 2007. Daarmee promoveerde ik naar groep 6 met spelers met een rating van 1600. Sinds 2006 speel ik als het toernooi wordt gehouden altijd mee in de dagvierkampen. Inmiddels speel ik in groep 8, misschien het komend jaar wel groep 9.

3. Wiens schaakstijl (clubgenoot of bekende schaker) spreekt jou het meest aan?

Ach, als het om de stijl gaat weet ik het niet precies. Kijk, ik had vroeger veel bewondering voor Anatoly Karpov, die kon uit het niets met kleine zetjes de sterkste grootmeesters verslaan. In de club is dat Albert Segers, omdat die jaren lang ook de Pirc speelde met zwart en mij dan vaak adviezen gaf. Bovendien doet hij net als ik altijd mee in Wijk aan Zee.

4. Van wie in de club zou je graag een keer willen winnen?

Ik zou nog wel een keer willen winnen van Menno Maarsen. Een lid dat nog niet zolang bij ons speelt maar zeer gedreven is en iedereen helpt met analyses en heel leuke verslagen van RSB-wedstrijden schrijft.

5. Wat zou je graag nog eens willen bereiken als schaker?

Als je zo oud bent als ik is iets bereiken in het schaken niet echt belangrijk meer. Maar promotie in de meerkampen zal ik altijd nastreven. Avonden schaak studeren doe ik allang niet meer. Het meest interessant vind ik nog het naspelen van mijn partijen op de computer. Mijn Fritz 17 laat je genadeloos je fouten zien maar geeft natuurlijk ook wat je beter kon spelen.

6. Tot slot; wat is iets wat de meeste leden niet van je weten?

Wat de meeste leden niet van mij weten is dat ik vroeger een verdienstelijk turner ben geweest op landelijk niveau, dat ik verslaafd ben aan bridge en ik nu altijd thuis ons eigen brood bak.

Back to Top